Op Instagram kan je het verhaal Geheugenverlies volgen: elke dag krijg je een nieuw stukje te lezen als je @clublittleliars volgt. En elke zaterdag krijg je hier een overzicht van de week.

 

1

Gloria moet ervan blozen, zó hard staart Jasper haar aan. En hij komt steeds dichterbij, wat wil hij eigenlijk? Iets in haar oor fluisteren?

De hand van Jasper ligt nu op haar schouder. Hij glimlacht. Zijn mond gaat open.

'Gloria, ik ben verliefd op jou.'

Wat?

 

2

Gloria bloost niet alleen meer, haar mond valt ook open. Waar komt Jasper nu mee af? Hij is verliefd op haar... Dat is eigenlijk heel lief. En een groot compliment voor Gloria.

Er is alleen één probleem.

Zij is helemaal niet verliefd op hem.

 

3

'Jasper, ik...'

Zijn grote blauwe ogen blinken, hij kijkt haar smachtend aan. Het is een mooie jongen, toch? Maar ze voelt niets voor hem.

Maar ze wil hem ook niet kwetsen. Wat moet ze zeggen?

'Jasper, ik ben niet...'

Zijn ogen worden nog groter, er staan tranen in. Gloria moet slikken.

'Ik vind jou ook... leuk.'

 

4

Jasper maakt een sprongetje. Hij legt zijn twee handen nu op Gloria's schouders. Trekt haar naar zich toe. Hola. Wat is hij van plan?

Zijn mond gaat open, hij wil haar kussen! Wat heeft ze ook alweer gezegd? 'Ik vind jou ook leuk.' Als vriend. Maar zo heeft Jasper dat niet begrepen. Ze heft haar handen.

'Wacht!'

 

5

Jasper kijkt haar verbaasd aan.

'Wat is er?'

Gloria ziet de paniek in zijn blik. Misschien moet ze gewoon de waarheid vertellen. Hoe moeilijk kan dat zijn?

Maar dan kijkt ze weer in zijn smekende ogen. Ze kan hem echt niet kwetsen. Ze moet iets anders zeggen.

'Ik heb geheugenverlies!'

 

6

Gloria voelt zich rot. Ze zit op haar bed met haar hoofd op haar knieën. Waarom kon ze niet gewoon eerlijk zijn tegen Jasper?

Ze heeft gezegd dat ze niet meer weet wie hij is. En dat ze niet iemand kan kussen die ze niet kent. Wat een rotstreek.

Ze schudt haar hoofd en loopt naar beneden. Een luchtje scheppen zal haar deugd doen. Ze opent de deur. En blijft stokstijf staan.

Jasper staat voor de deur.

 

7

'Dag Gloria.'

Wat komt hij hier doen? Hij knipoogt naar haar en stapt naar binnen. Zomaar.

'Dag Jasper.'

'Ik kwam van de voetbaltraining en ik dacht: ik spring even binnen.'

Voor iemand die net afgewezen is - of toch iets in die aard - is hij behoorlijk vrolijk. Gloria kijkt hem aan terwijl hij zijn schoenen uitdoet.

Hier klopt iets niet.

 

8

'Wat kom je doen, Jasper?' vraagt Gloria.

Jasper zet zijn schoenen in de kast en loopt naar de woonkamer.

'Heb je frisdrank in huis? Ik heb zo'n grote dorst!'

Gloria loopt achter hem aan en zet haar handen in haar zij. Haar medelijden voor de jongen is plots wat minder.

'Wat kom je nu eigenlijk doen?'

Jasper kijkt haar vragend aan.

'Mag ik niet op bezoek komen bij mijn liefje?'

 

9

Gloria moet even slikken. Hoe noemde Jasper haar net? Zijn liefje. Ze had toch gezegd dat ze niet op hem verliefd kon worden? Met een leugentje, ja, maar ze was wel duidelijk geweest.

'Eh, Jasper. Ik heb toch gezegd dat ik niet... dat ik niet met je...'

Ze kan haar zin niet afmaken, weer zijn die puppy-oogjes daar. Maar hij glimlacht ook.

'Het is niet erg, liefje. Ik begrijp het. Je bent nog wat onzeker. Dat is vaak zo na geheugenverlies.'

 

10

Gloria schudt haar hoofd. 'Wat zeg je nu?'

Jasper komt naar haar toe en slaat zijn armen om haar heen.

'Je herinnert je ons leven samen niet, dat is niet erg.'

'Maar wij hadden geen leven samen', protesteert Gloria.

Jasper steekt zijn hand in zijn zak en haalt enkele foto's boven. 'Kijk maar.'

Gloria staat aan de grond genageld. Het zijn allemaal foto's van hen samen.

Hoe is dit mogelijk?

 

11

Gloria staart naar de foto's.

Jasper en zij in een pretpark, arm in arm. Zij op de schoot van Jasper in het park. Jasper die verliefd toekijkt als ze zingend op een podium staat. Jasper die een kus op haar wang drukt.

Het zijn de foto's van een verliefd koppel. Een mooi koppel, dat er gelukkig uitziet.

Alleen zijn de foto's niet echt.

 

12

'Hoe kom je daar aan?' vraagt Gloria.

Jasper kijkt haar verbaasd aan. 'Hoezo, hoe kom ik daar aan? Je was er toch bij toen ze getrokken werden?'

En dan verzacht zijn blik.

'O, sorry, schatje. Dat had ik niet mogen zeggen.'

'Waarom niet?'

'Jij weet dat natuurlijk niet meer. Met je geheugenverlies.'

 

13

Gloria balt haar vuisten. Wat denkt Jasper wel? Dat ze daar in zou trappen? De foto's zijn overduidelijk vervalst.

Dat weet ze.

Want ze heeft niet echt geheugenverlies natuurlijk. Waarom heeft ze ook gelogen?

Ze moet dit snel rechtzetten.

 

14

'Luister, Jasper', begint Gloria, maar meteen stokt haar stem.

Jasper heft zijn hoofd en steekt zijn vinger in de lucht.

'Ik luister. Dat is ons liedje!'

Gloria luistert naar het liedje dat op de radio speelt. Ze heeft het nog nooit gehoord.

'Wat?'

'Je herinnert je dus toch nog iets', lacht hij.

Gloria weet niet wat ze moet zeggen.

 

15

Jasper neemt zijn telefoon. Hij toont een filmpje van twee personen die over het strand lopen. Een jongen en een meisje. De jongen is Jasper, het meisje herkent ze niet meteen.

Tot ze haar hoofd opricht.

Zij is het zelf. Zij, Gloria.

Op het strand met Jasper. En dat is nooit gebeurd. Dit is raar. Ze neemt snel haar jas.

'Ik moet weg.'

 

16

In de Little Liars Club duurt het even voor Wally haar begrijpt.

'Dus omdat je geen nee durfde te zeggen, heb je gezegd dat je je geheugen kwijt was?'

Gloria knikt.

'En nu verzint die jongen een heel leven met jou. Omdat hij denkt dat je je het niet herinnert?'

'Klopt.'

Wally denkt na. 'Daar is maar één oplossing voor.'

Gloria kijkt hoopvol op. 'Wat?'

'Niet zeggen dat je aan geheugenverlies lijdt.'

 

17

'Wally, je moet me helpen!'

Gloria is wanhopig, zeker wanneer ze ziet dat Jasper een bericht stuurt om af te spreken bij hem thuis. Normaal weet Wally overal raad mee. Hij lost elke leugen op.

'We kunnen Jasper met een tennisracket op zijn hoofd slaan en hopen dat hij ook zijn geheugen verliest', oppert Wally.

'Is dat niet wat te gewelddadig?'

'Je hebt gelijk', knikt Wally. 'Dan schiet er maar één ding over.'

'Wat?'

'Eerlijk zijn.'

 

18

Gloria baalt. Normaal lost Wally een leugen op met iets vindingrijks. Nooit met de waarheid. Die had ze ook in het begin kunnen vertellen.

Had ze dat maar gedaan. Dan zat ze nu niet met een nepvriendje dat een hele geschiedenis van hen samen heeft verzonnen.

Wanneer ze aan het huis van Jasper komt, haalt ze diep adem.

Gewoon de waarheid vertellen, gewoon de waarheid vertellen, gewoon de waarheid vertellen.

De deur zwaait open.

 

19

'Ik moet je iets vertellen', flapt Gloria eruit.

Oef, dat heeft ze toch al gedurfd. Nu de rest nog.

Jasper ziet er blij uit als hij haar ziet. Hij legt zijn vinger op zijn lippen.

'Wacht even, kom eerst maar mee.'

Gloria laat zich naar binnen leiden. Jasper doet met een grote glimlach de deur naar de woonkamer open.

'Jasper, ik moet je iets zeggen.'

Maar ze zwijgt als ze de woonkamer binnenstapt. O nee.

 

20

In de kamer is volk. Veel volk. Ouders en grootouders. Broers en zussen. Mensen die tantes en nonkels zouden kunnen zijn.

'Ik wil je graag aan mijn familie voorstellen', zegt Jasper. 'Ze staan te popelen om eindelijk mijn grote liefde te ontmoeten.'

Gloria zakt zowat door de grond. Verlegen knikt ze naar alle aanwezigen. Jasper draait zich naar haar.

'Maar jij wilde iets zeggen?'

Ides - Strevers!

1

Klastitularis Van Meel deelt de rapporten uit. De laatste punten voor de examens. Ides laat zijn rapport gesloten op zijn bank liggen. Hij heeft weinig zin om erin te kijken.

Voorzichtig heft hij een hoekje van het blad op. Er wordt een cijfer zichtbaar: een 9.

Een 9? Zou hij echt 90 procent hebben behaald? Dat is hem nog nooit gelukt.

Hij opent zijn rapport.

 

2

'69?'

Zoë, het buurmeisje van Ides in de klas, lacht luid.

'Dat is niet vet!'

Ides haalt zo nonchalant mogelijk zijn schouders op. Maar in zijn binnenste is hij zwaar teleurgesteld. Onder de 70 procent, een dieptepunt in zijn schoolcarrière. Maar hij laat het niet aan Zoë merken.

'Ach, dit is maar voorbereiding, het zijn uiteindelijk de examens die tellen.'

Hij denkt even na.

'Daar haal ik minstens...'

 

3

Ides voelt de blikken van de andere kinderen van zijn klas op zich gericht. Waarom luistert iedereen plots mee?

'90 procent', flapt hij eruit.

Zoë moet nog veel harder lachen.

'90 procent? Dat haal jij nooit!'

Ides weet dat ze gelijk heeft. En toch wil hij dat niet toegeven. Wie denkt Zoë wel dat ze is? Zomaar met hem lachen? Zelfs de andere kinderen beginnen te grinniken. Dat mag hij niet laten gebeuren.

'Wedden?'

 

4

Het wordt stil in de klas.

Ides beseft nauwelijks wat hij heeft gedaan. Heeft hij nu net gezegd dat hij wil wedden dat hij 90 procent kan halen bij de examens? Een weddenschap met Zoë dan nog, een meisje dat nog nooit minder dan 90 procent heeft behaald.

'Graag', glimlacht Zoë fijntjes.

Ides begint meteen te stotteren.

'Of 89. Dat kan ook. In elk geval meer dan jij zal halen.'

Zoë blijft lachen.

'Dat is ook goed.'

 

5

Ides kan zich wel voor het hoofd slaan. Hij is niet de beste student ooit, dat weet hij zelf ook wel. Waarom wil hij zich dan bewijzen?

'Dus', zegt Zoë. 'We wedden dat jij meer punten zal halen dan ik met de examens. Akkoord?'

De keel van Ides wordt droog.

'Eh, ja?'

'En wat als je het niet haalt?'

'Eh...'

'Dan draag jij de rest van het jaar mijn boekentas. Als je wint, draag ik die van jou.'

Hij mag dit niet aannemen. Hij is nu al verloren, dat weet hij goed genoeg. Maar hij geeft geen krimp.

'Deal!'

 

 

6

Ides balt zijn spieren terwijl hij de bibliotheek in loopt. Zal hij sterk genoeg zijn om de rest van het jaar twee boekentassen te dragen?

'Je kijkt zo somber?'

Wally ligt languit in een stoel in de Little Liars Club. Het gebeurt niet vaak dat Wally niet druk in de weer is.

'Ik ben dom geweest', zegt Ides.

Wally lacht.

'Dat is ook de eerste keer.'

 

7

'Je moet dus veel punten halen bij deze examens?' vraagt Wally en Ides knikt. 'Dan heb ik de perfecte oplossing voor jou!'

Ides kijkt hoopvol op.

'Welke?'

'Heel hard studeren!'

Ides zucht. Daar heeft hij zelf ook al aan gedacht.

'Dat lost niets op. Dan heb ik nog minder dan Zoë.'

Wally knipoogt naar hem.

'Er is misschien nog een andere mogelijkheid.'

 

8

'Joke!' roept Wally luid.

Vanuit een deur aan de zijkant van de club komt een vrouw aangelopen. Ze knikt naar Wally en Ides.

'Joke, jij hebt toch ooit nog toneel gespeeld?'

Joke lacht blij en neemt een vreemde pose aan.

'Ik heb veel hoofdrollen gespeeld. Stukken van Shakespeare, Lanoye en Claus! Duizenden harten heb ik beroerd. Kunst met de grote K!'

Wally kijkt haar onbewogen aan.

'Ik vrees dat je rol deze keer wat kleiner gaat zijn.'

 

9

Wally's ogen glinsteren wanneer hij het plan uitlegt.

'We gaan het edele beroep van de souffleur nieuw leven in blazen.'

'De souffleur?' vraagt Ides. 'Doet die iets met kaas?'

'Geen kaassoufflé', knipoogt Wally. 'Een souffleur, een voorzegger.'

Voorzegger, dat klinkt veelbelovend, vindt Ides. Al knort zijn maag ook wel om een kaassoufflé. Wally buigt zich voorover.

'Dit is wat we gaan doen.'

 

10

'Joke wordt de souffleur', zegt Wally.

'Wat?' roept Joke. 'Maar ik ben nog Hamlet geweest! To be or not to be, that is the question.'

'Spaar je stem maar voor het plan', zegt Wally, niet onder de indruk. 'Jij gaat met Ides mee en wordt vanaf nu zijn voorzegster.'

Joke kruist haar armen.

'Ik kies not to be.'

Wally kijkt haar streng aan, terwijl hij Ides en Joke naar buiten duwt.

'That was not the question. Dat was een bevel.'

 

 

11

Het is donker wanneer Joke en Ides voor de poort van de school staan.

'Ben je er zeker van dat er niemand is?' vraagt Joke.

'Wally heeft alles gecontroleerd', antwoordt Ides.

Zijn hart klopt als een bezetene. Hij kent de schoolregels niet uit zijn hoofd, maar hij is er vrij zeker van dat 's nachts inbreken in de school niet mag.

En dat is exact wat ze gaan doen.

 

12

Joke duwt tegen de poort, die makkelijk open gaat. Dat heeft Wally geregeld.

'Duw de kist maar naar binnen', zegt ze.

Ides zet zijn schouders tegen een houten gevaarte op wieltjes en duwt het door de poort.

'Gaat dat wel in de klas passen?' vraagt hij zich af.

Maar Joke antwoordt niet. Ze legt haar vinger op haar mond.

'Ik hoor iets!'

 

13

Een licht knipt aan in een van de gangen.

'Er is toch nog iemand', sist Joke.

Ides kijkt om zich heen. Ze staan in het midden van de speelplaats. Als er nu iemand naar buiten komt, zijn ze betrapt. Hij wijst naar het gebouw waar het licht aan ging.

'Daarheen!'

'Zeker?'

'Nee.'

 

14

Ze duwen de kist naar de muur van het gebouw. En dan springen ze erachter.

'En nu?' vraagt Joke.

'Wachten.'

Het duurt nog een hele tijd voor een leraar naar buiten komt. Ides houdt zijn adem in. De leraar kijkt niet naar de kist, maar loopt in gedachten verzonken over de speelplaats naar de poort. Hij kijkt verbaasd op als hij merkt dat de poort open is, maar haalt dan zijn schouders op en doet ze op slot.

'Ai', mompelt Joke.

'Zorgen voor later', zegt Ides.

 

15

In de klas van Ides schuiven ze de banken opzij, zodat de kist helemaal naar achteren kan. Daar staat de bank van Ides, daar gaat hij zijn examens afleggen.

Naast zijn bank staat een kast.

'Moet de kist daarin?' vraagt Joke.

'Wally heeft het gemeten', antwoordt Ides. 'Dus ja, die moet daarin.'

Ze duwen en wringen tot ze het ding in de kast krijgen. Wally had gelijk: de kist past precies. Joke schudt haar hoofd.

'Ik ben benieuwd hoe dit gaat aflopen.'

 

 

16

'Hoe heet de Romeinse keizer die Gallië veroverde?' fluistert Ides.

Hij kijkt even om zich heen. Niemand let op hem.

'Julius Caesar', klinkt het uit de kast.

Ides noteert het op zijn blad.

'Door welk dier zouden Romulus en Remus gezoogd zijn?'

'Een wolvin.'

Ides kijkt met een glimlach naar zijn examen. Wally had gelijk. Zo gaat het echt goed.

 

17

'Makkie', glundert Ides als hij op de speelplaats staat. Zoë kijkt hem wantrouwig aan.

'Je bent wel heel zeker van jezelf', zegt ze.

'Dat had ik toch op voorhand gezegd?' grijnst Ides. 'Zal ik je alvast mijn boekentas geven?'

Zoë weet niet goed wat ze moet zeggen. Ze begint te twijfelen. Zou Ides echt zo goed bezig zijn? Dat kan bijna niet.

Toch pakt ze haar schoolboeken en overloopt ze de leerstof voor het volgende examen. Ze wil extra hard haar best doen.

 

18

'Welke planeet komt na Mars?'

'Jupiter.'

Dat wist Ides zelf ook wel. Hij heeft zijn les goed geleerd. Maar het helpt dat Joke af en toe een extra antwoord influistert.

Dan komt de directrice de klas binnen. Ze kijkt spiedend in het rond en loopt dan naar de achterkant van de klas.

Recht naar de kast.

 

19

Wat gaat de directrice doen? Heeft ze door dat er ergens vals wordt gespeeld? Ides begint te zweten.

'Let op!' fluistert hij.

Maar wat moet Joke doen? Ze kan geen kant op. De directrice legt haar hand op de kast.

'Wat zei je, Ides?'

Ides wordt rood.

'Niets. Gewoon... Zet hem op! Ik wilde mijn klasgenoten succes wensen.'

'Dat is lief.'

De directrice haalt haar hand van de kast en draait zich naar de klas.

Oef. Even gered.

 

20

'Jongens en meisjes, ik vrees dat ik slecht nieuws heb', zegt de directrice.

Slecht nieuws? Dat kan maar één ding betekenen, denkt Ides. Ze hebben Joke ontdekt. Hoe hebben ze dat gedaan?

'Ik krijg klachten over dit lokaal. Er worden vreemde geluiden gehoord. Ik denk dat er ratten zitten.'

Wat? Dat zijn vast de geluiden van Joke als ze in en uit de kist kruipt. De directrice kijkt ernstig.

'Jullie kunnen niet in deze klas blijven.'

Wat?

 

 

21

Ides en zijn klasgenoten moeten van lokaal veranderen. Dat is een ramp. Vooral omdat de nieuwe klas geen kast heeft.

En gewoon een kist in het midden van de klas zetten, zou nogal opvallen. Joke meenemen naar het examen ook.

Terwijl ze zich installeren, neemt Ides stiekem zijn telefoon. Hij typt het nummer van Wally in.

'Nieuwe klas. Geen Joke meer. Help.'

 

22

Ides vult de rest van zijn examens in. Met alles wat hij nog weet. Hij heeft tenslotte gestudeerd. Er moet toch iets zijn blijven hangen?

En wat met zijn weddenschap met Zoë? Die gaat hij keihard verliezen als er geen oplossing komt. Hij mag er niet aan denken om haar boekentas te dragen. Het is vast zo'n roze met regenbogen.

Hij krijgt snel een bericht terug van Wally. Maar niet met het antwoord waarop hij hoopte.

'Dan zal je toch harder moeten studeren.'

 

 

23

Heeft Wally geen nieuwe oplossing voor hem?

Wanneer Ides thuis op zijn kamer zit, kijkt hij wanhopig naar zijn boeken. Hij zal echt moeten studeren. Nog harder dan hij al heeft gedaan, want nu heeft hij geen hulplijn meer. Joke heeft na schooltijd de kist weer uit de school gehaald.

Hij zucht. Hij moet op zijn minst proberen.

Hij probeert zich te concentreren.

 

24

Ides neemt zijn rapport met trillende handen aan. Hij heeft echt zijn best gedaan voor de laatste examens. Maar hij weet niet of het voldoende is.

Net als de vorige keer durft hij het niet meteen open te doen.

'Vooruit', zegt mama, die naast hem zit. 'Waar wacht je op?'

Ides haalt diep adem. Korte pijn. Hij opent het rapport en kijkt meteen naar onder, naar het totale cijfer.

Wat?

 

25

'84 procent?'

Zoë fluit tussen haar tanden.

'Dat had ik nooit gedacht van jou.'

Ides lacht. Hij heeft nog nooit zoveel punten behaald. En hij heeft het niet alleen aan Joke te danken. Hij heeft zelf ook echt goed gestudeerd.

'Maar het zijn er minder dan jij hebt', zegt Ides. 'Dus geef je boekentas maar.'

Zoë neemt haar boekentas van haar schouder, maar bedenkt zich dan.

'Nee, hoeft niet. Je hebt er keihard voor gewerkt en ik ook. Dus niemand hoeft twee boekentassen te dragen.'

Ides kijkt haar stomverbaasd aan. Wat knap van Zoë. Hij neemt zich voor om nooit meer op te scheppen.

Of toch deze maand niet meer.

Leugens van leerlingen - Bilzen

 

Janne – Basketbaltraining

 

‘Ben ik blij dat ik niet met die idioot hoef te trainen’, zegt Janne tegen Elise. ‘Hij bakt er echt niets van, maar hij doet alsof hij de beste allertijden is.’

Janne heeft het over Sem, een nieuwe speler in haar basketbalploeg. Hij heeft met de jongensploeg op hetzelfde moment training als Janne en dat vindt ze verschrikkelijk. Hij roept de hele tijd naar Janne en probeert kunstjes op te voeren. Maar meestal eindigen die met een bal in zijn eigen gezicht.

‘Misschien vindt hij je gewoon leuk’, knipoogt Elise.

‘Wat? Niets van!’ zegt Janne meteen.

In plaats van naar de training te gaan is ze naar Elise thuis gefietst. Twee uur met Elise op de computer spelen is veel leuker dan met Sem op het veld staan. Wanneer ze thuiskomt, denken haar ouders er echter anders over.

‘Zijn je kleren niet vuil?’ vraagt mama.

Janne heeft haar sporttas gewoon in de kast gezet. Normaal doet ze haar sportkleren altijd in de was. Maar dat was nu niet nodig. Van computerspelen ga je niet meteen zweten. Van een boze mama echter wel.

‘Eh, nee, er is nu een wasmachine op de club.’

Mama kijkt haar ongelovig aan.

‘En iemand heeft jullie was gedaan, alles gedroogd en netjes opgevouwen terug in jullie tas gestopt op de tijd dat jullie stonden te douchen?’

Janne twijfelt. Dat was niet erg goed gelogen, ze had er beter over moeten nadenken. Ze weet hoe belangrijk mama het vindt dat ze gaat basketballen. Haar ouders betalen er tenslotte genoeg lidgeld voor. Maar Janne wist natuurlijk niet op voorhand dat in dat lidgeld ook een creep als Sem inbegrepen was.

‘Grapje, hé!’ lacht ze overdreven luid. ‘Je weet toch dat ze al lang een wasmachine willen? Maar ze is er nog altijd niet.’

Ze wil langs mama de trap op glippen. Maar die geeft nog niet op.

‘Hahaha, ik heb nog nooit zo hard gelachen’, zegt ze droog. ‘Maar waarom zijn je kleren nu nog proper?’

‘Omdat… het grootste deel een tactische training was. En daarna hebben we nog even wat gebald met onze gewone kleren aan.’

Dat klinkt als een logische uitleg, toch? Mama is nog niet overtuigd. Ze gaat dichtbij Janne staan en snuffelt aan haar kleren.

‘Hé, ben je een hond geworden?’ vraagt Janne.

‘Een speurhond’, grijnst mama. ‘Ik ruik nog altijd geen zweet. Doen jullie eigenlijk wel wat op die trainingen?’

‘Natuurlijk!’

‘Want de club vraagt heel wat lidgeld.’

Kijk, daar heb je het lidgeld al.

‘Misschien moet ik eens met je trainer bellen. Waar ligt mijn telefoon?’

Nu begint Janne wel te zweten. Mama mag haar trainer niet bellen, want die zal bevestigen dat ze niet op de training was. Ze moet tijd winnen.

‘Ben je die nu weeral kwijt? Ik zal je mee helpen zoeken.’

Janne kijkt koortsachtig in het rond. Ze moet de telefoon vinden voor haar mama dat doet. Terwijl mama op goed geluk alle kussens uit de zetel gooit, denkt Janne na. Waar laat mama hem vaker slingeren? Op de keukentafel bij de opladers, want haar batterij is bijna voortdurend leeg. Janne sluipt naar de keuken. Hebbes.

Ze kijkt even naar de woonkamer, maar daar is mama nog druk bezig met alle kasten te openen. Ze tikt de code van mama in, die heeft ze lang geleden al uit het hoofd geleerd. Bij de contacten zoekt ze naar haar trainer. En ze verandert het telefoonnummer. Daarna loopt ze snel naar haar kamer. Nu kan ze alleen nog maar wachten.

Janne haalt diep adem wanneer haar telefoon rinkelt.

‘Hallo?’ zegt ze met een zware stem.

‘Ja, hallo, het is hier de mama van Janne’, hoort ze haar mama zeggen. ‘Ik wou even vragen wat voor training jullie vandaag hebben gehad. Janne zei dat het vooral een tactische training was.’

‘Dat klopt’, bromt Janne.

Ze durft niet te veel te zeggen, uit schrik dat mama haar stem herkent.

‘O. Oké. Dan… Dat is alles wat ik wilde weten.’

Janne balt haar vuist. Gelukt. Mama gelooft het.

Maar de volgende keer kan ze maar beter in haar sportkleren naar Elises huis lopen.

 

 

 

Luca – Boodschappen

 

‘Luca, waar zijn de boodschappen?’

Luca kijkt nauwelijks op van zijn playstation. De enige boodschappen die hij de laatste uren heeft gedaan is het aankopen van kogels voor zijn pistool.

‘Welke boodschappen?’

Papa komt plots voor hem staan. Luca ziet het beeld niet meer.

‘De boodschappen die jij had beloofd te doen?’

Nu weet hij het weer. Hij had zijn papa gezegd dat hij de boodschappen ging doen. In ruil mocht hij dan op de playstation spelen. Het deel van de playstation is in elk geval gelukt: Luca heeft de hele ochtend niets anders gedaan. Maar dat vertelt hij beter niet aan papa.

‘Die heb ik toch gedaan?’

Papa kijkt verbaasd op.

‘Waar zijn ze dan?’

Luca kijkt naar de keuken. Er schiet van alles door zijn hoofd. Hoe moet hij zijn papa overtuigen?

‘Ik heb alles al opgegeten.’

Aan het gezicht van papa te zien was dat niet het juiste antwoord.

‘Ook die kilo rauwe ajuinen? En die pods voor in de wasmachine?’

Luca heeft er geen idee van wat er allemaal op het lijstje stond. Maar ook al zien die pods er soms uit als snoepjes, hij zou ze nooit opeten. Hij is geen baby. Meestal toch niet.

Hij kijkt naar buiten en krijgt een idee.

‘Niet ik… De vogels hebben alles opgegeten.’

‘Welke vogels?’

Luca wijst naar het raam.

‘Het raam stond open en plots waren ze daar. Ze vraten echt alles op.’

Papa krabt op zijn hoofd, hij weet niet goed wat hij ervan moet denken.

‘Vogels?’

‘Ze zitten nog in huis’, zegt Luca ernstig. ‘Ze zijn naar boven gevlogen.’

‘Wat?’

Zonder nog vragen te stellen rent papa de trap op. Nu moet Luca snel zijn. Hij loopt naar de schuif met het schrijfgerief. Daar ligt een pen in de vorm van een veer. Hij rukt het plastic buisje eraf, zodat alleen de veer overblijft. Die legt hij op de keukentafel. Daarna opent hij de ijskast. Hij neemt een pot yoghurt en een doosje met besjes. Hij giet de yoghurt uit over het aanrecht en plet de besjes erin.

Net echt.

Wanneer papa terugkomt, lijkt hij opgelucht.

‘Ze zijn er niet meer’, zegt hij.

‘Maar ze hebben wel wat achtergelaten in de keuken’, wijst Luca.

Papa trekt een vies gezicht.

‘Jakkes. Ze hebben alles volgescheten.’

Luka schiet naar voren.

‘Weet je wat? Ik zal alles opruimen en dan kan jij nieuwe boodschappen gaan doen.’

Papa aait Luca over zijn hoofd.

‘Wat ben jij toch een lieve jongen.’

Het nieuwe verhaal op Instagram start op 2 december. Elke dag krijg je een nieuw stukje te lezen en elk weekend verschijnen de hoofdstukken hier op de website. Veel plezier! Ga naar Instagram.